 |
Heide
 |
| Struikheidevegetatie |
Het woord heide roept bij veel mensen een beeld op van een uitgestrekte purperen vlakte. Toch is heide veel meer dan dat. Zo kunnen we onderscheid maken tussen de droge heide, natte heide en pijpenstrootjesvegetatie. De droge heide wordt vooral bepaald door de aanwezigheid van struikheide. Bij de natte heide is vooral de dopheide als dominante soort aanwezig. De pijpenstrootjesvegetatie is altijd aanwezig geweest, maar nam explosief toe door voedselverrijking. Daardoor kreeg het gras pijpenstrootje op vele plaatsen de overhand.
Het Beleidsplan voorziet in een groot centraal gelegen open heidegebied, bestaande uit droge en natte heide, waar het terugdringen van de vergrassing met pijpenstrootje een doel is. Om hiertoe te komen wordt beheer uitgevoerd. Dit kan gebeuren door o.a. begrazing met runderen, schapen en geiten, door het creëren van gunstige kiemvoorwaarden voor de heide en door te plaggen. Plaggen is het verarmen van de bodem door afvoer van plantenmateriaal door o.a. het maaien van de vegetatie en het kappen van opschietende bomen.
Dit beheer moet leiden tot een mooi, gevarieerd en open heidegebied.
fauna van de droge heide
flora van de droge heide
fauna van de natte heide
flora van de natte heide
|  |