 |
Vennen
 |
| Drielingvennen |
Ongetwijfeld kent iedereen de vennen die luisteren naar mooie namen, zoals Stappersven – Wasven – Groote Meer en Kleine Meer – Biezenkuilen en vele andere grote en kleine vennen. Het spreekt voor zich dat het beheer gericht is op het behoud van deze vennen. Dit kan enkel door het (regen)water zo lang mogelijk in het gebied te houden en de waterkwaliteit van de vennen te verbeteren. Kleine ingrepen, zoals het dichten van afvoergrachten, kunnen onmiddellijk uitgevoerd worden. Om de steeds dalende grondwaterstand beter te controleren, is er overleg nodig met de bevoegde diensten en wordt er gestreefd naar duurzame, blijvende oplossingen. Voor het verbeteren van de waterkwaliteit van de vennen dienen maatregelen genomen te worden. Vennen zijn voedselarme wateren die soorten huisvesten die daarop afgestemd zijn. Naaldbomen rond de vennen moeten gekapt worden om verdere verzuring en verdroging tegen te gaan en er moet naar gestreefd worden om zo weinig mogelijk nitraat- en fosfaatrijk water toe te laten tot de vennen.
Door het herstel van de waterstanden en vooral ook door het verbeteren van de waterkwaliteit, zal men komen tot vennen met een ‘oorspronkelijke’ oevervegetatie en de daarbij horende overgangsvegetaties van vochtige naar natte heide.
fauna van de vennen
flora van de vennen
|  |