Exotenbestrijding in de Staartse Heide

Staatsbosbeheer heeft afgelopen najaar niet alleen de Amerikaanse vogelkers (Prunus serotina) bestreden, maar ook de Pontische rododendron (Rhododendron ponticum) in de bossen bij de Staartse Heide. Van de Amerikaanse vogelkers is bekend dat deze na een dunning of bosverjonging explosief kan opkomen. Dit komt o.a. omdat door de werkzaamheden de bosbodem wordt verstoord én omdat er door de kapwerkzaamheden meer licht op de bosbodem komt. Deze combinatie vormt ideale omstandigheden voor het ontkiemen van de reeds aanwezige zaden. Ook de Pontische  rododendron kan gigantisch uitbreiden op plekken waar deze soort zich thuis voelt. Beide exoten verdringen de inheemse en dus meer gewenste soorten en vormen een belemmering, vanwege hun concurrentiekracht, voor natuurlijke bosverjonging.

De in de vroege zomer bloeiende rododendron komt van nature voor in landen langs de Middellandse Zeekust en bleek zich goed aan te kunnen passen aan ons klimaat. Hij werd aangeplant in diverse landgoederen in het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, België en Nederland. Al gauw bleek echter, dat deze soort zicht heel goed wist te handhaven en zich ook goed kon verspreiden. Naast de negatieve effecten voor de flora en fauna blijkt dat de Pontische rododendron het brandgevaar in de bossen verhoogt. Omdat de ondergroei van rododendrons in bossen een brandtrapje vormt (overgang van laag naar hoog) is de kans bij een bosbrand van een loopvuur naar een kroonvuur extra groot. Hierdoor wordt een bosbrand al snel onbeheersbaar met alle gevolgen van dien.
Dit zijn dé redenen voor Staatsbosbeheer om verdere verspreiding van deze soorten in het gebied tegen te gaan.
 
Meer info: Staatsbosbeheer - p.vanlaerhoven@staatsbosbeheer.nl