Lancering strip : De Beestige Brug

Datum: 
vrijdag 13 maart 2015

Vandaag werd de lancering van de strip "De Beestige Brug" voorgesteld in De Vroente. Door middel van ludieke spelletjes konden kinderen en volwassen ondervinden hoe moeilijk dieren het soms hebben om veilig de overkant van de straat te bereiken.

In De Beestige Brug ondervinden Suske en Wiske aan den lijve hoe het is om een dier te zijn in Vlaanderen. Door de vele wegen zitten dieren vaak gevangen op een groen eilandje, en kunnen ze zich niet meer makkelijk en veilig verplaatsen tussen de leefgebieden. Verschillende overheden en organisaties spannen zich daarom in om die groene snippers met elkaar te verbinden. De educatieve pagina’s achteraan het stripverhaal tonen op een speelse manier wat een ecoduct is, waarom padden tunnels nodig hebben, hoe een eekhoornbrug werkt en waarom vissen soms de trap nemen.

De Beestige Brug is een uitgave van de Vlaamse overheid (Departement Leefmilieu, Natuur en Energie; Agentschap Wegen en Verkeer en Agentschap voor Natuur en Bos) en de provincie Antwerpen, in samenwerking met het Regionaal Landschap De  Voorkempen.
De komende maanden en jaren zullen allerlei activiteiten worden georganiseerd rond het thema ontsnippering.
Alle informatie is te vinden op www.beestigebrug.be
 

Wat doet de overheid voor de dieren?
De overheid probeert wegen en waterlopen waar veel dieren sneuvelen, zoveel mogelijk te verbeteren. Zo wordt de situatie veilig voor mens en dier.

Tunnels en bruggen
Via tunnels en bruggen geraken dieren veilig van de ene naar de andere kant van een drukke weg. Sommige ecoducten of ecotunnels worden zo ingericht dat ook wandelaars of fietsers van de over- of ondersteek gebruik kunnen maken.

Ecotunnels
Een kleine ecotunnel of ecokoker is een tunnel, buis of pijp onder de weg, waarlangs klein wild veilig aan de andere kant geraakt. Er bestaan ook grote ecotunnels voor groter wild zoals reeën en everzwijnen.

Paddentunnels
Padden leggen in de lente hun eieren in poeltjes en grachten vol planten. Ze moeten er dikwijls honderden meters voor afleggen en drukke wegen voor oversteken. Voor een trage kruiper is dat een gevaarlijke onderneming, met vele platte padden tot gevolg. Dankzij een muurtje of scherm dat hen naar een paddentunnel leidt, geraken ze veilig de weg over.

Eekhoornbruggen
Eekhoorns kunnen via een touw of een eenvoudig brugje gemakkelijk de andere kant van de weg bereiken. Tenminste als aan weerszijden van de weg bomen staan en de weg niet te breed is.

Ecoducten
Een ecoduct is een natuurbrug voor dieren. De dieren kunnen deze brug gebruiken om een drukke weg veilig over te steken. Het lijkt alsof hun leefomgeving over zo'n brug gewoon doorloopt. Een afsluiting leidt hen naar het ecoduct zodat ze niet op de drukke weg terecht komen.

Kleine landschapselementen
Naast grote natuurgebieden vind je tussen akkers, weiden en bebouwing kleinere eilandjes natuur: hagen, bomenrijen, bosjes, struiken, vijvers,... In deze "kleine landschapselementen" wonen en schuilen vele dieren zoals dassen, padden, egels, vlinders, reeën, uilen en vleermuizen.

Bloemrijke bermen
De overheid probeert bermen zo ecologisch mogelijk te beheren. Het zijn daardoor soms bijna kleine natuurgebiedjes langs de weg. Ze zijn rijk aan bloemen omdat er maar één of twee keer per jaar gemaaid wordt en het gras meteen wordt opgeruimd. Deze bermen zitten vol met vlinders, bijen en andere insecten. Ook kleine zoogdieren en vogels profiteren hiervan mee.

Maatregelen in waterlopen
Faunatrappen
In steile oevers van kanalen worden trappen gebouwd. Zo kunnen zoogdieren zoals reeën zonder problemen uit het water klimmen. Zonder deze faunatrappen verdrinken er regelmatig dieren in de kanalen omdat ze niet op de steile oever geraken.

Plasbermen
Plasbermen zijn ondiepe zones met weinig stroming waar waterplanten groeien en vissen hun eitjes afzetten. Op druk bevaren rivieren en kanalen ontbreekt  meestal een natuurlijke oever met ondiep water en oeverplanten. Een plasberm zorgt er dus voor dat de rivier zowel plaats biedt voor schepen als voor de natuur. 

Vistrappen en nevengeulen
Vissen verplaatsen zich vaak over grote afstanden op zoek naar eten, een schuilplaats of een plekje om zich voort te planten. In heel wat waterlopen bevinden zich echter hindernissen in de vorm van stuwen of dammen. Door een vistrap of nevengeul aan te leggen, kunnen vissen opnieuw vrij stroomopwaarts zwemmen. De trap op als het ware.

Meer info op : www.wegenennatuur.be